Hallo daar! Vandaag leren we hoe je breuken met elkaar vermenigvuldigt. Maak je geen zorgen, het is eigenlijk heel eenvoudig!
Een breuk bestaat uit twee delen:
Bijvoorbeeld:
Neem de tellers van beide breuken en vermenigvuldig ze met elkaar:
Neem de noemers van beide breuken en vermenigvuldig ze met elkaar:
Controleer of de breuk nog kan worden vereenvoudigd, zodat teller en noemer zo klein mogelijk zijn:
In dit geval kan de breuk niet verder vereenvoudigd worden, dus het resultaat is 8/15.
Basisonderwijs – Wiskunde
De leerlingen kunnen eenvoudige breuken met elkaar vermenigvuldigen en daarbij de tellers en noemers correct met elkaar vermenigvuldigen.
De leerlingen kunnen een verkregen breuk indien mogelijk vereenvoudigen en het resultaat in een zo eenvoudig mogelijke vorm weergeven.
In deze oefening leren leerlingen stap voor stap breuken met elkaar vermenigvuldigen. Ze vermenigvuldigen eerst de tellers en vervolgens de noemers. Daarna controleren ze of het resultaat nog kan worden vereenvoudigd. Zo oefenen ze de rekenprocedure en krijgen ze inzicht in de structuur van een breuk.