Oefen het optellen van breuken

?
?
+
?
?
=
+
=

voorbeeld:

2
3
+
4
6
=
4
6
+
4
6
=
8
6
=
4
3

Breuken optellen

Hallo daar! Vandaag leren we hoe je breuken bij elkaar optelt. Maak je geen zorgen, het is makkelijker dan het lijkt!

Wat is een breuk?

Een breuk bestaat uit twee delen:

  • Teller: het getal boven de streep (het aantal stukjes dat je hebt)
  • Noemer: het getal onder de streep (in hoeveel gelijke stukjes het geheel is verdeeld)

Bijvoorbeeld:

2
3

Stappen om breuken op te tellen

Stap 1: Kijk naar de noemers

Als de noemers hetzelfde zijn, tel je de tellers direct op:

2
5
+
1
5
=
3
5

Stap 2: Maak de noemers gelijk

Als de noemers verschillen, maak dan eerst de breuken gelijknamig:

2
3
+
4
6

Verander 2/3 naar een breuk met noemer 6:

4
6
+
4
6
=
8
6

Stap 3: Vereenvoudigen

Als het kan, vereenvoudig de breuk zodat de teller en noemer zo klein mogelijk zijn:

4
3

Tips

  • Kijk altijd eerst naar de noemers.
  • Verander een breuk alleen als de waarde hetzelfde blijft.
  • Controleer altijd of je kunt vereenvoudigen.
🎓

Aansluiting bij de nieuwe minimumdoelen

Basisonderwijs – Wiskunde

Minimumdoel 2.2.24

Gelijknamige breuken optellen en aftrekken

De leerlingen kunnen bij breuken waarvan de noemer beperkt is tot en met 20 gelijknamige breuken optellen en aftrekken.

Minimumdoel 2.2.15

Ongelijknamige breuken optellen en aftrekken

De leerlingen kunnen bij breuken waarvan de noemer beperkt is tot en met 20 ongelijknamige breuken optellen en aftrekken en de breuken daarbij gelijknamig maken.

âž•
Aansluiting bij dit spel

In deze oefening leren leerlingen stap voor stap breuken optellen. Ze leren eerst de teller en noemer herkennen en ontdekken dat bij gelijknamige breuken de tellers worden opgeteld, terwijl de noemer behouden blijft. Bij ongelijknamige breuken leren ze de breuken eerst gelijknamig te maken voordat ze de tellers optellen. Indien mogelijk leren ze het resultaat ook vereenvoudigen.

Kies de moeilijkheidsgraad: