Wat betekenen de teller en de noemer?
Een breuk is een verhoudingsgetal. Een breuk geeft aan hoe groot een deel van een geheel is.
Een breuk bestaat steeds uit een teller en een noemer.
Het getal boven de breukstreep heet de teller. Het getal onder de breukstreep heet de noemer.
Je mag de teller en de noemer met hetzelfde getal vermenigvuldigen. Hierdoor verandert de waarde van de breuk niet.
Je mag de teller en de noemer ook door hetzelfde getal delen. Hierdoor verandert de waarde van de breuk ook niet.
Bij het vereenvoudigen van breuken zoeken we naar de Grootste Gemene Deler (GGD) van de teller en de noemer.
Basisonderwijs – Wiskunde
De leerlingen herkennen dat verschillende breuken dezelfde waarde kunnen voorstellen en kunnen gelijkwaardige breuken herkennen en vormen.
De leerlingen kunnen een breuk vereenvoudigen door de teller en de noemer door eenzelfde getal te delen, zodat een gelijkwaardige maar eenvoudigere breuk ontstaat.
In deze oefening leren leerlingen breuken vereenvoudigen. Ze krijgen bijvoorbeeld de breuk 6/8 en zoeken de gelijkwaardige breuk 3/4. Zo oefenen ze het herkennen van gelijkwaardige breuken en leren ze de teller en noemer door eenzelfde getal te delen om een breuk in een eenvoudigere vorm te schrijven.
Kies de moeilijkheidsgraad: