Vraagstukken met drie ongelijke verdelingen




Vraagstukken met drie ongelijke verdelingen - Hoe los je ze op? - Stappenplan

Samen hebben ze 750 strips.
Milan heeft 90 strips meer dan Arne.
Arne heeft 60 strips meer dan Ruben.

1
Zoek het kleinste aantal
Ruben heeft het minste.

Ruben : 1 deel
Arne : 1 deel + 60
Milan : 1 deel + 60 + 90

Dus:

Ruben : 1 deel
Arne : 1 deel + 60
Milan : 1 deel + 150
2
Tel de extra's
60 + 150 = 210
3
Trek de extra's af van het totaal
750 - 210 = 540
4
Verdeel over 3 gelijke delen
540 ÷ 3 = 180
Ruben = 180
5
Bereken de andere aantallen
Arne:
180 + 60 = 240

Milan:
240 + 90 = 330
6
Controleer
180 + 240 + 330 = 750

✅ Juist!

Kort ezelsbruggetje

Bij dit soort oefeningen:

1. Zoek wie het minste heeft.
2. Schrijf alle verschillen uit vanaf die persoon.
3. Tel alle extra's samen.
4. Trek die extra's af van het totaal.
5. Verdeel wat overblijft in 3 gelijke delen.
6. Tel de verschillen terug erbij.
7. Controleer met een optelling.

Dat vaste stappenplan werkt voor bijna alle vraagstukken van ongelijke verdeling met 3 personen.