Insectenjacht


Gebruik je vergrootglas om de verschillende kriebelbeestjes in de foto te vinden. Vertel me dan of het een insect is of niet.

Insecten

Er bestaan wel één miljoen verschillende soorten. Het is de grootste groep van dieren die er bestaat. Insecten leven op het land en in zoet water. Het zijn beestjes die bij de mensen gemakkelijk ziekten overbrengen of het graan op de akker opeten. Het zijn ook nuttige dieren. Ze verzamelen nectar voor honing en zorgen voor het bestuiven van bloemen. 
Hoe insecten precies ontstaan zijn is niet duidelijk. Zelfs hoe hun vleugels ontstaan zijn, moeten we nog ontdekken. 
Insecten hebben een lichaam bestaande uit drie delen: de kop, het borststuk en het achterlijf. Niet bij alle insecten zie je dat even duidelijk. De vleugels en poten zitten aan het borststuk. Op hun kop zitten de ogen, de kaken en de voelsprieten. Het achterlijf is bij de meeste insecten verhoudingsgewijs het grootst. Het bevat de spijsverterings-, uitscheidings- en geslachtsorganen. 
Insecten leggen kleine eitjes in allerlei vormen. Als de eitjes uitkomen worden het larven die stap voor stap begint te groeien. Een larve lijkt op een klein wormpje zonder poten en zal enkele keren vervellen om stilaan groter en groter te worden. De hele periode blijven ze eten en eten. Vele larven kruipen ergens in, zoals een stuk fruit, een dood dier of een boom. Op het einde verandert een larve in een pop. Na de laatste vervelling is het insect volwassen en komen pas de vleugels.